Bijdragen lezers


4 juli 2011

Scheepswerf de Schelde
In den Spiegel van Juli 2011 jaargang 29 staat op bl.7  een stukje over wel of geen rails over de dokdeur  van het Perry droogdok. Voor 1938 was bij het dokje, op de hoek Houtkade verlengde Hendrikstraat een afsluitpoort Schelde terrein  Houtkade, waar een wachthuisje stond, een zelfde geval stond bij de Houtkade Onderstraat.  De Houtkade was een openbare weg waar ook het Stadhuis (van Dishoeckhuis) aan stond, welke zelfs ook nog bereikbaar was via een inham vanuit het Dok, door een aangebrachte trap uitgehouwen  in de Dokwand, waar altijd mannetjes zaten te vissen en jongens konden zwemmen. Naast de versmalling lag een rails om de verbinding met de ijzergieterij (Noorderkerk) en het oude Arsenaal te bereiken.  Op het Schelde terrein lag een netwerk aan rails, zelfs achter het hoofdkantoor was een splitsing naar de plaatwerkerij (een van de velen) en de vliegtuigloods, blikfabriek met haakse bocht, Keersluis en station. Ook hier werd een stukje openbare weg gebruikt, de Aagje Dekenstraat waar ook de tram Vlissingen- Middelburg reed. De Willy, zo heette de stoomlocomotief van de Schelde, moest wel eens gebruik maken van de rails naar Middelburg, waar geen wissel voor was, dan reed hij op een stalen plaat bij een kruising van de rails, die dan werd gedraaid.
Na de oorlog is voor snel vervoer van personen een opstapauto ingezet tussen de Helling en het Eiland, via het Dokje.
Jan Kruisdijk, 4 juli 2011


26 mei 2011

`Naar Back voor een Agfa Clack` en verder…..
Reis Om De Wereld In De Sint Jacobsstraat – de reacties

Hier een samenvatting van de reacties die ik ontving op mijn artikel in Den Spiegel van april 2011 hierboven genoemd. Ik vond het prettig te horen dat veel Vlissingers zich erin herkenden. Belde Jules Braat uit Nieuwegein ooit complimenteus om te vertellen dat ik met mijn artikel over de Scheldestraat in 2000 zijn jeugd had beschreven; ook nu riep het verhaal bij iedereen die herinneringen op. Eigenlijk gaat iedereen er zelf mee aan het werk, leuk eigenlijk...

Hans Back reageerde vanuit het buitenland en vertelde dat de zaak altijd zijn lust en zijn leven is geweest. Hans de Graaf, dat was zijn echte ’eerste man’. De Graaf werkte eerder bij Foto De Grave. Later pas kwam Toine in beeld. Allemaal geweldige medewerkers waar ik nog vaak aan terugdenk, zei Back. Naar Back voor een Agfa Clack, zo adverteerde mijn vader, zei hij. Hans meldde zich als lid van de vereniging.

Adriaan Leeuwis, die omstreeks 1950 als ‘blik’ boven de Hefa woonde, had genoten van de vele vermeldingen, maar had wel de dochters van Slager van den Berg gemist. Bep en Rietje van den Berg waren top en zulks werd later niet ontkend door oud-onderwijzer Theo Debadts, die mij op het jaadpad staande hield om enthousiast te vertellen het artikel twee keer gelezen te hebben om het vervolgens door te geven aan zijn achterbuurman. Zoiets hoorde ik ook van wiskundedocent Joop Elderkamp uit Souburg, ook hij las het twee keer en gaf het door aan een generatiegenoot. Hij vertrouwde mij toe, dat nostalgische gevoelens over zijn jeugd hem inmiddels langzaam bekropen.

Mijn oud-klasgenootje Thea Van Den Anker-Prins mailde dat ze met haar man Rinus op een rustige zondagmorgen een excursie door de Sint Jacobsstraat had gemaakt met het artikel als gids en bedankte dat ik ‘dit stukje geschiedenis had vastgelegd’.

Sarina Hendrikse vond het jammer dat ik de geveltekst ‘Eerlyckheit Duurt Het Langst’ van Jamin niet had vermeld, en schreef tevens dat de sloop van de Lepelstraat tot aan Dansschool De Jong maar geleidelijk was verlopen. Sarina, die over de grafzerken schreef in hetzelfde blad, was enthousiast en mailde dat ze het ook haar baas had laten lezen, die het prachtig vond.

Oud redactielid mevrouw van de Sluis van de Boulevard was de eerste die belde, zij complimenteerde, had genoten en contact gehad met mevrouw Fastenau, die nog bescheiden bleek te hebben van de Hefa.

In de Wereldwinkel sprak ik met mevrouw Wattel die heel lang bij de kinderwagens van de Hefa had gewerkt en dagelijks de karretjes moest poetsen, omdat er altijd gruis door het dakspant neerdaalde. Ze had genoten en veel herkend.
Mary Koetsenruijter bedankte me voor het memoreren van haar ouders.
Riaan Rijken verbaasde zich over wat ik allemaal nog wist...
Jan Jacobs van de Stichting Vlissingen Promotie suggereerde een boek te maken met zulke herinneringen aan de jaren zestig en suggereerde al een een schrijverscollectief…

Over de Foto’s
Op de foto ‘ravage na de watersnood’ herkende Hans Back zichzelf rechtsvooraan en links van hem, Han, een neefje van Slijter Hildernisse van de overzijde. Achter Hans Back staat Henk Schout, de bediende uit de zaak van zijn vader, die dagelijks vanuit Serooskerke kwam fietsen (en terug). Links staat zijn zus Thilly Back.

Op De IJsbeerfoto herkende Back zichzelf, op de rug gezien aan tafel. Uiterst rechts zit zijn vriend Nico Wiegmans uit de Lepelstraat. Het tweede van links zittende meisje, is volgens mij overigens Connie Kesteloo, die veel te vroeg overleed.

Back vulde ook nog de foto met Burgemeester Kolff aan: tussen wethouder Smit en secretaris Peters: Marinus Meulmeester van de winkel, rechts van Kolff, Schoenhandelaar Clarijs en, de ouders van Hans, de heer en mevrouw Back.

En het meisje met de kousjes rechts, was het meisje uit het verhaal, dat Mary Koetsenruijter probeerde te koppelen: Nelleke Verhage, dochter van de bakker Verhage.

Nu bloos ik!
Hartelijke dank voor alle reacties!
Henk Feij


20 april 2011

Geachte Redactie,
Onlangs kreeg ik van mijn vriend Lam Hollaers jullie blad " Den Spiegel" in handen. En zowaar daar stond een uitgebreid verhaal in over het wel en wee van de Sint Jacobsstraat. Een heel leuk verhaal en natuurlijk ging bij mij de tijd weer terug naar waar het allemaal begon.
De foto voor de winkel van mijn Vader , met daarop mijn zus Thilly , twee toevallige voorbijgangers , verder Henk Schout , de bediende van mijn Vader( vroeger heette dat volgens mij knecht) en zowaar een vriendje van mij en ikzelf met bezem. Het vriendje Han, was een neefje van de slijterij tegenover ons  "Hildernissen ".
U vermelde nog dat in de zaak Hap, later schoenenzaak Clarijs kwam, maar dat is niet juist. Naast ons zat Bakkerij Schiffer , die later overgenomen werd door Bakkerij Dronkers, en weer later werd het schoenenzaak Clarijs.  Cafetaria Hap werd later ingelijfd door Modehuis Zijnen.
Ook leuk was het verhaal van " De IJsbeer "….voor ons als schoolgaande jeugd een bijna vaste stek. ( de school was de Prins Willem school )  En bij Ko gingen we een flesje limonade halen of een ijsje…..en Ko vond het allemaal prachtig . Op de foto zie ik mezelf zitten met rug naar camera en rechts zit een vriendje van mij , Nico Wiegman, uit de Lepelstraat. ( zijn Vader werkte bij de PSD).
Erg leuk is ook het artikel waar mijn Vader nog achter de toonbank staat……een paar opmerkingen, het fotorolletje was hetzelfde , maar de Clack was een 6x9 negatief en de Click een 6x6 …dus vandaar 8 of 12 opnamen.  Mijn Vader adverteerde altijd met  " Naar Back voor een Agfa Clack "
Toine Broos was niet de eerste verkoper …….De eerste medewerker die ik in dienst nam was Hans de Graaf…..Hij werkte bij Foto de Grave, maar kwam bij mij fotopapier kopen omdat ik voor hem wat meer korting gaf dan zijn baas. Niet veel later nam ik hem in dienst omdat het een prima kerel bleek te zijn. Vakman en niet te lui om aan te pakken.  Na enige tijd kwam Koos in beeld , hij zat op de Schelde school en fotografie leek hem wel wat . En toen Hans de Graaf chef in de zaak te Goes werd , kwam Toine in Beeld…..Allemaal geweldige medewerkers waar ik dikwijls nog aan terug denk.
Zo maar een paar reacties op jullie leuke artikel in het blad " Den Spiegel ". 
Met vriendelijke groet,  Hans Back.


12 maart 2011

Geachte redactie,
In navolging van een artikel ‘Buitenplaats Grooten Boomgaard’ in u blad Den Spiegel Jaargang 28, nummer 2 - April 2010 het volgende. In het desbetreffende artikel wordt gesproken over de familie Cardon in het bijzonder over Jan, Johan en Daniël Cardon.
Uit ons familiearchief, blijkt uit brongegevens die bewaard worden in het Zeeuws archief (1. Archief Staten van Zeeland, inv. nr 1670, Registers van commissiën en instructiën 1578-1809, fol. 1r. en 2. P.J. Rethaan Macaré, "Wapenborden en wapens op tombes, monumenten en grafgesteenten in de kerken van de voormalige provincie Zeeland tot in 1798 aanwezig geweest," (z.j.) deel II, nrs. 59-61, 102, 103, 105, 144. Coll CBG, GHS 50D02) dat Johan Cardon ook Jan werd genoemd, dit is een en de zelfde persoon. Hij was getrouwd met Petronella Buys. Johan (Jan) was in de jaren veertig van de zeventiende eeuw en de vernoemde jaren 1669 en 1670 inderdaad burgemeester van Vlissingen en bewindhebber van de VOC kamer van Zeeland. Johan (Jan) zijn vader was inderdaad Daniel, hij was getrouwd met Janneke Verron. Daniel was koopman en afkomstig uit Valenciennes, zo blijkt uit de poorterboeken van Vlissingen. Johan Cardon en Petronella Buys hadden zoons, één van hen was Daniel Cardon hij is de gene die ook Schepen en Raad was van Vlissingen.  Ik hoop u op deze wijze een aanvulling te hebben kunnen geven over een stukje van onze familiegeschiedenis. Bijgevoegd doe ik u twee kopieën toekomen uit de 2de vernoemde bron, en een foto van een Portret van Petronella Buys.
Mocht u nog vragen hebben dan hoor ik het graag. In afwachting van u antwoord.
Verblijf ik met een vriendelijke groet,
Erik Cardon